Oudduitse Herder

oudduitse herder in de natuur

Herders bestaan tegenwoordig in vele soorten en maten. Dat is niet alleen nú het geval, maar ook in de afgelopen honderden jaren. In de ontwikkeling van de honden hebben de herders een cruciale rol gespeeld, aangezien deze soort honden ook de voorouders van andere hondenrassen zijn. Eén van de herders die hier een belangrijke rol in gespeeld heeft, is de Oudduitse Herder.

Het is allereerst goed om een onderscheid te maken tussen de Oudduitse Herder en de Duitse Herder; deze twee hondenrassen zijn niet gelijk aan elkaar. Wat de exacte verschillen zijn, bespreken we graag op deze pagina. Feit is wel dat beide hondenrassen afkomstig zijn uit Duitsland; de twee hondenrassen verschillen verder met name op het gebied van uiterlijke kenmerken.

Als jouw voorkeur naar de Oudduitse Herder uitgaat, geniet je al snel van een onwijs leuke hond. Hij is spontaan, vrolijk, stabiel en behoorlijk zelfverzekerd. Zoals een echte herder betaamt, komt hij ook graag voor jou en zijn andere gezinsleden op. Al met al een heerlijke hond om in huis te hebben, waarbij je rekening kunt houden met een gemiddelde levensverwachting van zo’n 13 á 14 jaar. Er zijn echter ook verhalen bekend van Oudduitse Herders die nog véél ouder zijn geworden.

Inhoudsopgave

  1. Uiterlijke kenmerken
  2. Gedrag
  3. Verzorging
  4. Opvoeding
  5. Beweging
  6. Geschiedenis

1. Uiterlijke kenmerken

Zoals in de inleiding al gesteld, kennen de Oudduitse Herder en de Duitse Herder de nodige overeenkomsten. Tegelijkertijd zijn er ook enkele kenmerkende – uiterlijke – verschillen waar je een Oudduitse Herder aan herkent. De belangrijkste verschillen hebben betrekking op de rug en op de vacht; hierover lees je hieronder meer.

De vacht van een Oudduitse Herder is – in vergelijking – een stuk langer dan de vacht van een Duitse Herder. Door deze langere vacht krijgt de Oudduitse Herder overigens ook direct een andere uitstraling. De exacte uitstraling is wel afhankelijk van de kleur van de vacht; een Oudduitse Herder kan nogal veel verschillende vachtkleuren hebben. Zo kan hij zwart met bruine, gele of grijze aftekeningen hebben, maar kan hij ook volledig zwart, volledig blauw of volledig grijs zijn. Eigenlijk zijn allerlei kleuren mogelijk, met uitzondering van wit.

De Oudduitse Herder is een behoorlijk indrukwekkende hond te zien. Dit komt onder meer door zijn schofthoogte, maar ook door zijn gespierde doch sierlijke lichaam. Hij weet kracht met de nodige sierlijkheid te combineren, waardoor zijn lichaam soms ietwat lastig te duiden valt. Feit is dat het een middelgrote hond is met een behoorlijke schofthoogte; de maximale schofthoogte van een reu ligt op zo’n 68 centimeter en de maximale schofthoogte van teef ligt op zo’n 63 centimeter.

De kop van een Oudduitse Herder is nogal lang, waarbij onder meer zijn recht omhoog staande oren opvallen. Deze oren hebben ook vaak een iets andere kleurzetting dan de rest van zijn kop, waardoor de oren al snel de volledige aandacht trekken. Opvallend is verder dat zijn kop bedekt is met kort en glad haar; een complete tegenstelling ten opzichte van de rest van zijn vacht dus. Zijn ogen zijn donker van kleur en hebben een indringede blik; tegelijkertijd stralen deze ogen ook waardering en respect uit. Mede hierom is het niet altijd even logisch dat sommige mensen bang zijn voor een Oudduitse Herder.

De kop van de Oudduitse Herder loopt over in een sierlijke en krachtige nek. Die twee woorden kunnen eigenlijk ook het beste gebruikt worden om de rest van zijn lichaam te bespreken. Het meest opvallende aan zijn lichaam is het feit dat hij een rechte rug heeft; een Duitse Herder heeft vaak een lichte welving in de rug, maar daar is bij dit (niet-erkend) ras dus geen sprake van. Zijn rechte rug kent aan het einde een bijzondere staart. De staart is namelijk aan de onderzijde langer behaard dan aan de bovenzijde, terwijl de staart ook op verschillende manieren door een Oudduitse Herder gedragen wordt. Zo wordt hij bij beweging ietwat omhoog gedragen en in rust in een lichte boog gedragen. Het mag in ieder geval niet zo zijn dat de staart bóven de ruglijn gedragen wordt.

Tot slot enkele uiterlijke kenmerken op een rijtje:

  • Gemiddelde schofthoogte reu: 64 centimeter.
  • Gemiddelde schofthoogte teef: 59 centimeter.
  • Gemiddelde gewicht reu: 43 kilo.
  • Gemiddelde gewicht teef: 33 kilo.
  • Kleur: allerlei kleurvarianten m.u.v. wit (zie boven).

2. Gedrag

Door de jaren heen is dit ras voor verschillende doeleinden gebruikt. Zo is in sommige gezinnen de Oudduitse Herder een waakhond, terwijl hij in andere gezinnen dienst doet als een grote gezelschapshond. Ook wordt dit ras als een blinde geleide hond gebruikt, als een diensthond of als een verdedigingshond. Deze variatie aan doeleinden is met name te danken aan zijn veelzijdige karakter.

Over het algemeen is een Oudduitse Herder een loyale, waakse en evenwichtige hond. Een hond die absoluut zijn mannetje staat, maar niet per definitie agressief te noemen is. Helaas wordt dat label wel eens op dit ras geplakt, maar dat is wat ons betreft niet kloppend. Alleen als je hem echt boos weet te maken, is de kans aanwezig dat hij agressief wordt. Hoe je hem echt boos kunt maken? Dat is onder meer het geval als jij lastiggevallen wordt. Hij heeft namelijk perfect door wie zijn baasje is en zijn baasje probeert hij met man en macht te beschermen.

Door zijn gehoorzaamheid en zijn stabiele karakter is hij behoorlijk goed op te voeden. Tijdens deze opvoeding moet je wel sterk in je schoenen staan, aangezien hij soms wel zijn eigen wil heeft. Indien je een band met hem opgebouwd hebt, is hij echter al snel bereid om volledig naar jou te luisteren.

Termen als moedig, streng en onbevangen zijn ook zeker van toepassing voor een Oudduitse Herder. Met name het feit dat hij voor zichzelf zo streng is, is behoorlijk opvallend te noemen. Deze eigenschap is bij andere herders ook zichtbaar, maar dit ras lijkt hier toch de overtreffende trap van te hebben.

Al met al is de Oudduitse Herder een hond waar je blindelings op kunt gaan vertrouwen. Voordat het zo ver is, moet je wel een hechte band met hem op zien te bouwen. Zodra hij veel respect voor jou heeft (en jij voor hem), gaat hij voor jou door het vuur. Door zijn zachtaardige en rustige karakter is hij ook zeer geschikt als een familiehond, terwijl hij dus ook dienst doet voor andere instanties. Al met al een zeer interessant en veelzijdig karakter.

3. Verzorging

Het verzorgen van de vacht van dit ras is een kunst op zich. Je moet de vacht namelijk niet té vaak te borstelen, maar ook zeker niet té weinig. Daarnaast moet je hier het juiste “gereedschap’”voor gebruiken. Je kunt ervoor kiezen om een hondenborstel te gebruiken, maar met zo’n hondenborstel kan je de structuur van zijn vacht beschadigen. Mede daarom raden wij aan om altijd om een herderhark te gebruiken.

Met een herderhark kun je de dode haren uit zijn vacht verwijderen, terwijl je ook nog de klitten uit zijn langharige vacht weet te halen. Ondertussen hoef je je geen zorgen te maken over de structuur van de vacht, aangezien de herderhark daar geen invloed op heeft. Mocht je een Oudduitse Herder dagelijks met een hondenborstel kammen, zorg je voor een stimulans van het uitvallen van de haren; dat is zeker niet gewenst.

Twee keer per jaar komt hij in de rui, waardoor je in jouw huis de nodige haren tegen gaat komen. Tijdens de rui kan het overigens geen kwaad om zijn vacht te laten trimmen bij een professionele trimsalon. Een professionele trimmer is in staat om de oude vacht perfect te trimmen, waarna zijn “nieuwe” vacht weer aan kan groeien.

Over het algemeen is het een relatief gezond ras, maar je moet wel met enkele veelvoorkomende aandoeningen rekening houden. Zo heeft dit ras regelmatig problemen met zijn alvleesklier, met zijn maag, met zijn darmen en/of met zijn ruggenmerg. Mocht je afwijkend gedrag opmerken, is het advies om spoedig naar de dierenarts te gaan. Dat is ook het geval als je jouw hond mank ziet lopen; de kans is aanwezig dat hij last van heupdysplasie heeft. Deze aandoening komt relatief vaak voor bij een Oudduitse Herder en brengt de nodige pijn met zich mee. Ook hierbij is een spoedig bezoek aan de dierenarts aan te raden.

oudduitse herder ligt in een grasveld

4. Opvoeding

Het opvoeden van een Oudduitse Herder is over het algemeen goed te doen, aangezien het een gehoorzame en leergierige hond is. Je moet echter wel rekening houden met het feit dat je weinig fouten kan maken. Als jij een fout tijdens de opvoeding maakt, kan dit voor levenslange problemen gaan zorgen. Hij pakt immers nieuwe zaken zeer snel op, waarna het lastiger is om deze zaken toch weer terug te draaien. Voordat je een Oudduitse Herder in huis neemt, moet je je daarom goed inlezen. Door je goed in te lezen, ben je vervolgens in staat om hem op de juiste manier op te voeden.

Tijdens de opvoeding is het van belang om letterlijk en figuurlijk stevig in jouw schoenen te staan. Deze moedige hond heeft namelijk behoefte aan een baasje die precies weet wat hij wil. Mocht jij twijfelen, neemt een Oudduitse Herder dat al snel over; hij is namelijk behoorlijk gevoelig voor het gedrag van zijn baasje. Zorg dus dat je altijd adequaat en vol zelfvertrouwen handelt; daar maak je jouw Oudduitse Herder ook alleen maar zelfverzekerder mee.

Voorkom te allen tijde wilde armbewegingen of stemverheffingen. Dat is niet de manier om een Oudduitse Herder op te voeden. Nee, in plaats daarvan moet je wederzijds respect afdwingen, moet je op één lijn komen te zitten en moet je zijn goede gedrag belonen. Het op de juiste manier belonen van hem is van cruciaal belang tijdens de opvoeding.

Tot slot willen wij je nog aanraden om voor een vroege en langdurige socialisatie te zorgen. Naar andere honden toe kan hij namelijk terughoudend zijn, terwijl het voor hem juist leuk is als hij met andere honden om kan gaan. Ga daarom op jonge leeftijd met hem naar een puppycursus en laat hem daar wennen aan de aanwezigheid en goede wil van andere honden. Bijkomend voordeel; tijdens zo’n cursus weet je direct een hechte band met hem op te bouwen.

5. Beweging

Een Oudduitse Herder in een appartement houden, is een onverstandige keus. Dit ras heeft namelijk behoefte aan behoorlijk veel beweging; als je een (grote) tuin hebt, is dat dus ideaal. Verder is het advies om dagelijks lange wandelingen met hem te maken, terwijl hij het ook heerlijk vindt om te zwemmen. Verschillende spelletjes doen kan ook altijd op goedkeuring van hem rekenen.

Wel is het goed om rekening te houden met zijn vacht en zijn lichaamsbouw. Pas dus op met het maken van abrupte bewegingen; die bewegingen kunnen funest zijn voor zijn gewrichten. Daarnaast moet je op warme dagen ook de beweging naar een zo’n laag mogelijk niveau bijstellen; hij is namelijk niet altijd even goed in staat om de warmte kwijt te raken. Indien het buiten niet meer warm is (bijvoorbeeld in de avond of in de vroege ochtend), is het aan te raden om lange wandelingen te maken. Dit ras heeft immers veel behoefte aan beweging.

6. Geschiedenis

Voor de geschiedenis van dit ras moeten we, niet geheel verrassend, terug naar Duitsland. In dit land werden in het verre verleden meerdere herdershonden met elkaar gekruist, waardoor uiteindelijk meerdere varianten ontstonden. De Duitse Herder is daar een voorbeeld van, maar de Oudduitse Herder dus ook. Overigens is het zeer aannemelijk dat de Oudduitse Herder een afstammeling van de Duitse Herder is, waarbij er louter gebruik gemaakt is van langharige honden. Uiteindelijk is op die manier de Oudduitse Herder tot bloei gekomen.

Dit hondenras is bijzonder indrukwekkend om te zien en vertoont veelal het gewenste gedrag. Hij is moedig, hij is relatief zachtaardig, hij is waaks en hij hecht veel waarde aan een hechte band met zijn baasjes. Al met al een heerlijke familiehond die ook nog eens het aanzien meer dan waard is.

Heb je vragen of opmerkingen? Plaats hieronder je reactie.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *