De Labrador Retriever is het populairste hondenras van dit moment. Het beestje loopt zoveel rond in Nederland, dat de hond niet meer weg te denken is uit het Nederlandse straatbeeld. Het ras is niet alleen een geweldige gezinshond, maar wordt ook ingezet als hulphond en drugshond. De Labrador wordt gemiddeld tussen de 11 en 12 jaar oud. Meer over de Labrador Retriever, lees je op deze pagina.

Bestel het Labrador Retriever handboek met 50% korting »

Inhoudsopgave Labrador Retriever

  1. Uiterlijke kenmerken
  2. Gedrag
  3. Verzorging
  4. Opvoeding
  5. Beweging
  6. Geschiedenis

1. Uiterlijke kenmerken

De Labrador Retriever, ook wel Labrador genoemd, heeft een brede en stevige lichaamsbouw. Ook heeft de hond een brede kop, met een brede snuit. De ogen van de Labrador zijn middelmatig groot en doorgaans bruin gekleurd. De oren van het beestje hangen naar beneden.

De vacht van het ras is dicht, kort en vrij hard. De vacht kan drie kleuren hebben, namelijk zwart, chocoladebruin en blond. De staart van de Labrador wordt ook wel een otterstaart genoemd. Deze is dik aangezet, hangt naar beneden en is dik behaard.

Een reu wordt ongeveer 56 centimeter hoog. Een teef blijft iets kleiner, namelijk 54 tot 56 centimeter hoog. Het ideale gewicht van de Labrador Retriever zit tussen de 25 en 35 kilo.

2. Gedrag

De Labrador Retriever is de perfecte gezinshond. Het beestje is vriendelijk, vrolijk en aanhankelijk: de Labrador brengt zijn tijd het liefst bij mensen door. Je komt dan ook zelden een agressieve of schuwe Labrador Retriever tegen.

Het allerliefst is het beestje in de directe omgeving van zijn baasje. Niet alleen thuis, maar ook buiten blijft dit ras het liefst bij je in de buurt. De Labrador vindt het belangrijk zijn baasje te behagen. Daarom is het een zeer gehoorzaam ras. Ook kun je een Labrador erg goed trainen, ook in de omgang met kinderen.

Labradors gaan niet alleen goed om met kinderen, maar ook met andere huisdieren. Wel is het belangrijk je hond goed te socialiseren als je het beestje om wil laten gaan met een of meerdere andere dieren in huis.

3. Verzorging

Je hoeft niet veel tijd te steken in de verzorging van jouw Labrador Retriever. De vacht van de hond is namelijk erg “onderhoudsvriendelijk”, omdat deze zo kort en glad is. Kam je de vacht van je hond eens per week even door met een zachte borstel, dan hoef je verder eigenlijk niets te doen om de vacht te verzorgen.

Bestel het Labrador Retriever handboek met 50% korting »

Wel is het goed om er rekening mee te houden dat Labradors ontzettend veel van water houden. Laat je je hond uit in een omgeving met water, dan is de kans groot dat het beestje in het water springt. Dit is natuurlijk prima, maar dit betekent wel dat je je hond na het uitlaten moet wassen. Gelukkig is dit zo gebeurd.

De Labrador Retriever is een gezond hondenras, maar er komen wel enkele aandoeningen bij het ras voor. Het gaat om elleboog- en heupdysplasie, diverse oogaandoeningen en huidproblemen. Laat je trouwe viervoeter regelmatig onderzoeken door de dierenarts en je weet zeker dat jouw lieve hond helemaal gezond is.

4. Opvoeding

Een Labrador Retriever is hartstikke enthousiast en vrolijk. De hond vindt simpelweg alles leuk en dit is natuurlijk prettig voor de baas, maar zijn vrolijkheid kan de Labrador ook wat onstuimig maken. Als je je hond als pup opvoedt, is het dan ook belangrijk om het beestje te leren bepaalde prikkels te negeren. Prikkels kunnen andere honden zijn, maar ook wandelende mensen, rijdende auto’s en ga zo maar door. Door je hond te leren bepaalde prikkels te negeren, zorg je voor rust en aandacht. Dit is niet alleen fijner voor het beestje zelf, maar natuurlijk ook voor jou.

Heb je een Labrador pup, dan raden wij je aan op puppytraining te gaan. Indien noodzakelijk kun je hierna nog enkele vervolgcursussen doen met je hond. Deze helpen je jouw hond nog evenwichtiger en gehoorzamer te maken en hier heb je jaren plezier van. Bovendien vindt jouw Labrador het hartstikke leuk om met jou te trainen. Het beestje krijgt graag aandacht van zijn baas en vindt het belangrijk jou te behagen. De puppytraining en eventuele vervolgcursussen die hierna volgen, zijn dus zeker geen straf voor het beestje.

5. Beweging

Zeker in zijn jonge jaren is de Labrador erg actief. Dit ras heeft simpelweg veel beweging nodig. Niet alleen om energie kwijt te raken, maar ook om op een gezond gewicht te blijven. De Labrador heeft namelijk aanleg om flink aan te komen, zeker bij onvoldoende beweging.

Eigenlijk vindt een Labrador Retriever alles wat met beweging te maken heeft, hartstikke leuk. Gehoorzaamheidscursussen zijn zeker aan het ras besteed, maar apporteren, speuren, jachttraining en gewoon samen stoeien vindt het beestje ook geweldig. Je kunt jouw Labrador Retriever dan ook vrijwel overal mee naartoe nemen.

Wel is het belangrijk om een jonge Labrador goed te laten groeien, voordat je veel actieve dingen met deze hond gaat doen. Activiteiten als ver wandelen, lang apporteren, traplopen en rennen op gladde vloeren kunnen een negatief effect hebben op de elleboog- en heupgewrichten van je hond. Hier kun je dan ook beter even mee wachten, in ieder geval tot je pup klaar is met groeien.

Bestel het Labrador Retriever handboek met 50% korting »

Tip: versterk de spieren van je Labrador door het beestje lekker te laten zwemmen. Dit vinden Labradors hartstikke leuk en het is bovendien nuttig, met oog op de vele spieren die jouw hond opbouwt door regelmatig in het water te duiken.

6. Geschiedenis

De Labrador Retriever komt uit Newfoundland. Dit is een plaatsje in Canada, waar het hondenras Newfoundland ontwikkeld werd. Dit ras bestond uit twee typen honden. Het langharige type werd gebruikt om de slee te trekken, het kleinere type haalde de netten van vissers uit het water. De vissen die stiekem uit het net glipten, werden door de hond uit het water gehaald.

In het jaar 1812 kregen deze twee hondenrassen een naam. De langharige hond werd de Newfoundlander genoemd en de kortharige hond kreeg de naam Labrador Retriever. Dit laatste ras werd ook wel de St. John’s hond genoemd. Rond 1820 werd de Labrador Retriever meegenomen naar Engeland en rond 1950 kwam de hond ook naar Nederland. Hier werd de hond al snel erg populair. Vandaag de dag lopen er tienduizenden Labradors rond in ons koude kikkerlandje.

Misschien vind je deze artikelen ook interessant?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *